De ene na de andere huisarts tekent een manifest tegen het beleid van overheid en zorgverzekeraars. Twee dokters luchten hun hart.
In de dokterspraktijk van Echtenerbrug kunnen zwangeren vanaf 1 januari niet meer terecht. De huisartsenpraktijk houdt er noodgedwongen mee op. ,,Helaas moeten de vrouwen hier dan naar een verloskundige in het ziekenhuis’’, zegt dokter J.A.H.M. Bronswijk. Hij is een van de 260 ondertekenaars van een manifest dat protesteert tegen de afbraak van de huisartsenzorg in Nederland. Met spijt voorziet Bronswijk dat het takenpakket van de huisarts in de toekomst verder zal versmallen. ,,Terwijl je als arts juist de mens in zijn geheel wilt zien en begeleiden.’’
De Dokterswacht Friesland, waaraan hij deelneemt, is er naar zijn mening ,,erg snel doorheen gejaagd’’. Veel zaken zijn nooit goed geregeld – waaronder die verloskunde. Niemand die dat overneemt als hij op de dokterspost zijn wekelijkse achtuursdienst draait. Het zijn diensten van hard werken, nauwelijks tijd voor een kop koffie of een boterham, zegt Bronswijk. ,,En dan komt er nu opeens een ‘efficiencykorting’ waardoor we de komende drie maanden helemaal niks betaald krijgen. Moeten we zelf de telefonistes op die post maar betalen. En daarna is het nog maar afwachten.’’
Met al het geld dat is gebruikt om die dokterswachtorganisatie op te tuigen, hadden evenzogoed een paar extra artsen ingehuurd kunnen worden. Dat had ook heel wat knelpunten kunnen oplossen, vindt de arts. Voor hem persoonlijk is het kernpunt van het manifest dat de overheid en de ziektekostenverzekeraars niet genoeg geld willen uittrekken om huisartsen een normaal tarief te betalen.
Jan Willem Langendijk uit Beetgumermolen (57) is het daarmee eens. Hij karakteriseert de laatste zeven, acht jaar als ,,afbraak’’. Er studeren genoeg nieuwe huisartsen af, maar ze hebben geen geld om zich te vestigen. Je hebt huis, praktijkruimte, auto en assistent nodig – maar klop zonder eigen kapitaal maar eens aan bij de bank. Als het zo doorgaat, ,,is er over vijf jaar geen huisartsenzorg meer in Nederland.’’ Dan heb je hooguit nog een op Duitsland lijkend systeem waar een Generalpraktiker zo’n beetje fungeert als doorverwijzer van zorg. Dan komt het eerste het beste geval van babysnotneus in het ziekenhuis terecht als ware het een longontsteking. ,,Iedereen die er langer dan een minuut over nadenkt, snapt dat je zo een systeem krijgt dat duurder is dan het huidige.’’
Volgens Langendijk komen er zo langzamerhand te veel misstanden bij elkaar. Voorbeelden te over. Zo zijn er de jaarlijks contractonderhandelingen die artsen met alle afzonderlijke zorgverzekeraars moeten voeren. Is-ie met z’n collega al twintig uur mee bezig geweest en nog zijn ze niet klaar. ,,Weggegooide tijd die niet gebruikt wordt voor nuttiger zaken.’’
En er zou praktijkondersteuning komen. Dat wordt dan weer teruggedraaid op een moment dat het net in de steigers is gezet. ,,Zo kun je niet met mensen omgaan.’’ Er is de arbeidsongeschiktheidsverzekering waarvan de premie zo’n beetje verdubbeld is terwijl de tarieven vrolijk doorstijgen, ondanks toezeggingen na de laatste golf huisartsenacties, een paar jaar geleden. ,,We zijn ernstig belazerd de laatste jaren. Nog geen kwart van de door de Tweede Kamer toegezegde afspraken is nagekomen.’’
In Den Haag ,,beslissen ze van alles maar ze hebben geen idee hoe de wereld in elkaar zit’’, vindt Langendijk. Neem de bezuinigingen op de geneesmiddelen. De dokter moet dat dan maar weer uitleggen. Het levert eindeloze gesprekken op in de spreekkamer met patiënten die niet begrijpen waarom ze hun pillen niet meer vergoed krijgen. ,,Ik denk weleens zachtjes: in Den Haag zijn ze nooit ziek geweest en hebben ze geen ouders. Want met de ouderenzorg gaat het nog veel slechter. Als ik minister was en ik moest het geld verdelen, ging het niet naar de huisartsen maar naar de verzorgenden in het verpleegtehuis. Dat is écht slavenwerk.’’
Vroeger was het een sport om goede zorg te leveren voor weinig geld. Die loyaliteit is aan het verdwijnen, zegt de dokter uit Beetgumermolen. ,,Zorgverzekeraars worden gedwongen op te treden als commercieel schadeverzekeraar en ook De Friesland ontkomt er niet aan. Je moet zakelijker optreden. Zo gaat de aardigheid eraf. Terwijl dit in principe het leukste vak van de wereld is.’’